Van de doeken van Frank van Hemert blijft de verf afdruipen, huilende schilderijen zijn het. Jan Cremer doet ons de groeten uit Lutjebroek. En Willem van Genk bezat honderden regenjassen die hij volplakte met knopen. De maniakale kunst van Van Genk werd in het verleden overigens ‘marginaal’ genoemd maar wordt inmiddels bij de Hermitage in Amsterdam getoond. Deze en veel meer anekdotes schreef Fransje Kuyvenhoven van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed bij de 34 werken uit de Rijkscollectie die in dit boekje worden uitgelicht.

Het moeten zo’n beetje de laatste boekjes zijn geweest die binderij Hexspoor heeft afgewerkt (genaaid Otabind). Vlak na het verschijnen werd bekend dat ze als binderij ophouden te bestaan. Vreselijk jammer. Ze hebben heel wat boeken voor mij in de Otabind en Otastar gemaakt. Allemaal heerlijk soepele en goed openliggende boeken.